Siergrassen zijn probleemloze planten die de tuin een natuurlijke uitstraling geven en gedurende meerdere seizoenen hun sierwaarde behouden. Ze verlengen het tuinseizoen tot ver in de herfst met hun prachtige halmen.

Siergrassen vormen pollen, woekeren niet en vragen weinig onderhoud. Ze zijn niet ziektegevoelig en gedijen bijna overal.  De meeste grassen bloeien vanaf de late zomer of vanaf het vroege najaar en sieren vooral de najaarstuin.

Soorten en vormen

Siergrassen variëren enorm in grootte, vorm, kleur, textuur en bloei. Zo ontstaan er eindeloze combinatiemogelijkheden.

  • De grasvormen gaan van klein bolvormig over fonteinvormig tot stijf rechtop. Ze hebben een breed of een heel smal blad.
  • Ook in kleur is er een uitgebreide keuze: groen, geel, blauw, rood, grijs, bruin, gevlekt of met spectaculaire herfstverkleuringen.
  • Wij maken onderscheid tussen wintergroene grassen (zoals zegge of schapegras) en niet-wintergroene grassen (zoals lampepoetsersgras, prachtriet,…). Het wintergroene gras wordt vaak gebruikt in bloembakken of als laaggroeiende bodembedekker. De hogere soorten zijn handige en mooie wind- en zichtschermen.

Hoe kies ik een siergras?

  • Hou rekening met de toekomstige standplaats. Waar komen de grassen te staan? In een border in volle grond? Of in pot?
  • Wat zijn je verwachtingen? Hoe hoog mogen de grassen komen? Heb je graag bloei (de bloei bij siergrassen zijn de halmen die erop komen)? Welk kleurenpallet verkies je?
  • De meeste grassen houden van een plek in volle zon, op een goeddoorlatende en voedzame grond.
  • Er zijn ook heel wat grassen die gedijen in de halfschaduw.
  • Je hebt keuze tussen wintergroene en niet wintergroene grassen
  • Heb je last van hooikoorts? Bepaalde grassen produceren minder pollen dan andere.

Tip: Plant bloembollen, zoals sierajuin of narcissen tussen de siergrassen. In de lente, wanneer de grassen nog vrij laag zijn, brengen zij al kleur en leven in de border.