De vrolijke Aster is te verdelen in zomerasters en herfstasters. De herfstasters beginnen te bloeien van eind zomer tot laat in november. De Aster staat bekend om zijn stervormige uitbundige bloei. De Aster is een van de langst bloeiende vaste planten. De bloemkleur varieert van wit, roze, lila tot dieprood en paars, het bloemhart is meestal geel. Het geslacht bevat inmiddels al meer dan 250 soorten, voornamelijk kruidachtige, overblijvende vaste planten en behoort tot de familie van de composiet-achtigen ( Asteraceae). 

Groei & bloei
De meeste asters zijn recht opgaande of staande planten, met lange, smalle tot groene bladeren. De bloem van de aster komt in de top van de plant en is samengesteld uit kleine tot middelgrote bloempjes in allerlei kleuren. Na de bloei komen er kleine zaadkopjes bovenop de plant te staan. Het zijn goede planten om bijen, hommels en vlinders in de tuin te lokken. Veel van de aster soorten bloeien nog als bijna alles al is uitgebloeid in uw tuin. Dit maakt dus dat de aster een mooie aanwinst is.

Aster snoeien en planten
Na de bloei kunt u de aster terugsnoeientot ongeveer 10 cm van de grond. Haal de rest pas weg in het vroege voorjaar na de vorst. Asters houden van een standplaats in volle zon tot halfschaduw en een goed doorlatende bodem die wel voldoende vochtig blijft tijdens het groeiseizoen. Plaats de aster niet te nat want dan ontstaat er snel meeldauw in de plant. Elk najaar de plant opnieuw steken houdt haar in conditie. Elke vier jaar moet de Herfstaster worden opgegraven en gescheurd. Dit scheuren en herplanten zorgt er voor dat de aster zijn oorspronkelijke kleur behoudt en niet ‘verkleurt’. Omdat asters gevoelig zijn voor meeldauw is het belangrijk dat er voldoende luchtcirculatie is. Plant andere planten niet te dicht bij de aster, maar geef haar wat ruimte.